Dokter Trojan

Ferdinand von Saar

De novelle Dokter Trojan (1899) speelt aan het eind van de negentiende eeuw, maar gaat over een onderwerp dat in de eenentwintigste eeuw nog brandend actueel is. En dat is het verzet tegen de modernisering van de maatschappij en tegen het wereldbeeld van de wetenschap. Vooruitgang! Overal vooruitgang! denkt de ik-figuur, wanneer hij na acht jaar terugkomt in het dorp waar het verhaal zich afspeelt, het dorp dat hij na de modernisering nauwelijks meer herkent. Dat conflict tussen het oude en het moderne leven speelt zich in deze novelle af op het terrein van de gezondheidszorg. Een universitair opgeleide arts procedeert tegen een autodidactische genezer en de nederlaag van de laatste is onvermijdelijk. Dokter Trojan lijkt vaak eerder een maatschappelijk betoog dan een novelle en met uitzondering van het einde is er weinig handeling. Bijzonder is niet de vorm van de raamvertelling, want die hebben veel novellen van Ferdinand von Saar, maar de dubbele raamvertelling, waarbij de verteller in het eerste hoofdstuk een ander is dan die in het tweede.


Dokter Trojan